Gemeente Amsterdam

Inhoud

Amsterdam is de (titulaire) hoofdstad en, qua inwoners, grootste gemeente van Nederland. De stad, in het Amsterdams ook Mokum genoemd (afkomstig uit het Jiddisch), ligt in de provincie Noord-Holland, aan de monding van de Amstel en aan het IJ.

Amsterdam dankt zijn naam aan de ligging bij een in de 13e eeuw aangelegde dam in de Amstel. De plaats kreeg stadsrechten rond 1300 en groeide in de Gouden Eeuw uit tot een van de grootste handelssteden ter wereld. Bevolkingsgroei leidde vanaf het eind van de 16e eeuw tot stadsuitbreidingen, waaronder de grachtengordel, die op de UNESCO-Werelderfgoedlijst staat en tot dé bezienswaardigheden van de stad behoort. Andere attracties zijn musea, zoals het Rijksmuseum, het Stedelijk Museum en het Van Gogh Museum, het Anne Frank Huis, de Wallen en de coffeeshops. Amsterdam heeft twee universiteiten en telt de meeste nationaliteiten ter wereld.

Eind november 2013 telde de gemeente Amsterdam 810.084 inwoners. Op 1 december 2012 haalde de gemeente voor het eerst sinds de jaren zeventig het inwoneraantal van 800.000. De grootstedelijke agglomeratie telde in augustus 2013 ongeveer 1,6 miljoen inwoners en is daarmee qua inwoneraantal de grootste agglomeratie in Nederland. De Metropoolregio Amsterdam, waartoe onder andere Almere, Het Gooi, Haarlem, Zaanstad en Purmerend worden gerekend, heeft ongeveer 2 miljoen inwoners. Amsterdam is verder een van de steden in de Randstad. De stad is bestuurlijk onderverdeeld in zeven stadsdelen die weer zijn onderverdeeld in buurten en wijken.

Geschiedenis

De geschiedenis van Amsterdam begint omstreeks het jaar 1000. Toen werd dit moerassige gebied, Aemestelle genoemd, vanuit de Utrechtse regio stukje bij beetje ontgonnen. Vanaf verschillende bestaande veenstromen werden aan weerszijden afwateringssloten gegraven en ontstond een boerengemeenschap van landontginners, zoals ook elders in het veengebied tussen het Gooi en de Hollandse duinen. Toen het veen als gevolg van ontwatering begon in te klinken moesten dijken worden aangelegd om het inmiddels lager gelegen land tegen het water te beschermen.

In de 13e eeuw leidde dit tot aanleg van dijken langs de Zuiderzee en het IJ. In de monding van de Amstel werd de dam aangelegd waar Amsterdam zijn naam aan ontleent. Een deel van de Amstel zoals we die nu kennen zou mogelijk gegraven kunnen zijn. Dit werd de basis van een handelsnederzetting die uiteindelijk tot de machtige handelsstad Amsterdam zou uitgroeien. Het stukje rivier buitengaats, het Damrak, was het begin van de Amsterdamse haven. Het water aan de andere kant van de Dam werd het Rokin. Begin 20e eeuw zijn er restanten van die dam aangetroffen op de plek tussen het Nationaal Monument en het gebouw van De Bijenkorf ertegenover. Recente opgravingen hebben veel informatie over de vroegste geschiedenis van de stad aan het licht gebracht.

De oudste vermelding van Amsterdam is in een document van 27 oktober 1275, waarin graaf Floris V de bewoners tolvrijheid verleent. Over de precieze datum waarop Amsterdam stadsrechten verkreeg is onzekerheid, maar een van de mogelijkheden is dat de Utrechtse bisschop Guy van Avesnes de plaats in 1306 stadsrechten heeft verleend. Eigenlijk kan niet meer gezegd worden dan dat het tijdstip kort na 1300 ligt.

Spoedig daarna volgde de tol op bier. De contacten rond de bierhandel met Hamburg waren de springplank voor de Oostzeehandel, het begin van Amsterdam als handelsstad. In de 15e eeuw was Amsterdam gegroeid tot de belangrijkste handelsstad van Holland. Doordat Amsterdam in moerasgebied lag, werden bij uitbreiding van de stad steeds grachten gegraven voor materiaal voor ophoging en om voor voldoende afwatering te zorgen en werden de huizen op een fundering van houten palen gebouwd.

De stad kreeg al snel een traditie van burgerlijk bestuur, met een belangrijke rol voor de vroedschap: een college van vooraanstaande burgers die de meeste bestuurders benoemden.

Het stadsbestuur liep niet voorop bij de opstand tegen Spanje maar sloot zich uiteindelijk in 1578 aan (Alteratie), vooral vanwege handelsbelangen. Na de inname van Antwerpen door de Spanjaarden in 1585 kwamen veel Antwerpenaren, met hun handelsnetwerk, naar Amsterdam. Hun komst en die van Portugese joden speelde een grote rol in wat de Gouden Eeuw van Amsterdam en Holland werd.

De bevolking van Amsterdam nam in die periode snel toe. Omstreeks 1570 telde Amsterdam minder dan 30.000 inwoners, maar in 1622 was dit getal gegroeid tot ruim 100.000. Tegen het einde van de 17e eeuw zou de bevolking zelfs de 200.000 overschrijden. Alleen Londen, Napels en Parijs hadden in die tijd een vergelijkbaar aantal inwoners. Deze bevolkingsgroei maakte een grootschalige uitbreiding van de stad noodzakelijk, waaraan de fraaie, concentrische grachtengordel met zijn koopmanshuizen en pakhuizen te danken is.

Daarna vertoonde de groei van de stad een zekere stagnatie. Omstreeks 1683 kwam een einde aan de bouwactiviteit. Aan de oostkant van de Amstel was zoveel grond beschikbaar dat de kavels werden uitgegeven aan liefdadigheidsinstellingen en de Plantage bestemd werd als wandelpark. Vanaf halverwege de 18e eeuw daalde het inwoneraantal weer, om circa 1815 een dieptepunt te bereiken met circa 140.000 inwoners.

In de 19e eeuw was er een langzaam herstel na de periode van neergang daarvoor. In 1825 kwam met het nieuw-gegraven Noordhollandsch Kanaal de nieuwe verbinding met Den Helder tot stand. In 1839 werd het traject Amsterdam-Haarlem geopend als eerste spoorweg van Nederland. Pas omstreeks 1850 begon Amsterdam zich uit te breiden buiten de 17e-eeuwse Singelgracht. Sinds 1876 is het Noordzeekanaal de rechtstreekse verbinding tussen de Amsterdamse haven en de sluizen bij IJmuiden die toegang geven tot de Noordzee.

Met het aanbreken van de industriële revolutie begon een nieuwe periode van expansie. Vernieuwing van de handel, nieuwe industrie en een bevolkingsexplosie die opgevangen werd in de 19e-eeuwse gordel. De bevolking verdubbelde van circa 250.000 omstreeks 1850 tot 510.000 in 1900. De sociale misstanden waar de industriële revolutie mee gepaard ging maakten Amsterdam tot een centrum van de Nederlandse sociaaldemocratie en leidden tot grootschalige stadsuitbreidingen (Plan Zuid, Plan West en AUP). Tijdens de Grote Depressie in de jaren dertig leidde de verlaging van de steunuitkeringen van werklozen in 1934 tot het Jordaanoproer, waarbij vijf doden vielen.

De Tweede Wereldoorlog kostte aan ongeveer 110.000 Amsterdammers het leven. Van de omvangrijke joodse gemeenschap overleefde het merendeel, ongeveer 75.000 joden, de bezettingstijd niet. De verzetsbeweging was in Amsterdam omvangrijk, en bracht groepen voort als Vrij Nederland en het kunstenaarsverzet met Gerrit van der Veen. Anne Frank dook in de stad onder en schreef er haar wereldberoemde dagboek. Ook de hongerwinter eiste, zoals in heel West-Nederland, een hoge tol in de stad. De fysieke oorlogsschade bleef uiteindelijk beperkt in vergelijking met steden als Rotterdam en Den Haag.

Na de oorlog werd het Algemeen Uitbreidingsplan grotendeels uitgevoerd, zo verrezen de Westelijke Tuinsteden en Buitenveldert. Ook Amsterdam-Noord onderging een grote uitbreiding. Ook de bestaande stad werd veranderd: cityvormingsplannen in de jaren zestig zorgden onder andere voor de aanleg van een metronet, maar kregen vaak ook te maken met verzet, zoals bij de Nieuwmarktrellen in 1975. Een andere vorm van verzet in de jaren zestig werd gevoerd door de anarchistische Provobeweging, die tegen de autoriteiten streden door voornamelijk ludieke acties, zoals happenings rond Het Lieverdje (Spui) en het afsteken van een rookbom tijdens het huwelijk van prinses Beatrix en Claus in maart 1966. In juni van datzelfde jaar vond de bouwvakkersopstand plaats. Bij deze zogenoemde Telegraafrellen vielen een dode en tientallen gewonden, waarop de burgemeester en de hoofdcommissaris van politie moesten aftreden. Rellen braken ook uit op 25 augustus 1970 toen het slaapverbod bij het oorlogsmonument op de Dam inging. Drie dagen lang was het onrustig in de stad met her en der opstootjes, gewonden en vernielingen, waarbij een groep mariniers illegaal optrad tegen vooral alternatieve, langharige jongeren. Later zouden de jongeren en hippies niet meer op de Dam maar in het Vondelpark overnachten.

Op 9 mei 1977 brandde Hotel Polen op het Rokin af, waarbij 33 doden vielen. Ook het pand van boekhandel De Slegte ernaast ging in vlammen op, waardoor een groot aantal waardevolle antiquarische boeken verloren ging. In 1980 vonden herhaaldelijk hevige krakersrellen plaats met als climax het Kroningsoproer op 30 april 1980 ("Geen woning, geen kroning") rondom de plechtigheden inzake de inhuldiging van prinses Beatrix tot nieuwe koningin van Nederland in de Nieuwe Kerk op de Dam. Er waren vooral op en rond het Rokin brandende barricades en er werd fel gevochten tussen de Mobiele Eenheid en relschoppers, waarbij zeker 400 gewonden vielen. Ook in de jaren erna waren er regelmatig krakersrellen, maar wel op kleinere schaal. Vreedzaam was de grote vredesdemonstratie tegen kruisraketten op 21 november 1981 met 400.000 deelnemers. Een soortgelijke betoging in Den Haag op 29 oktober 1983 trok zelfs 550.000 demonstranten - het grootste straatprotest ooit in Nederland.

In de jaren zeventig en tachtig werd in de binnenstad begonnen met stadsvernieuwing en trokken zowel gezinnen als bedrijven de binnenstad uit, op zoek naar meer ruimte. De komst van hoogopgeleide en goed verdienende jongeren in hun plaats versterkte het draagvlak voor horeca en allerlei andere dienstverlenende bedrijvigheid. Vanaf 1984 nam het aantal inwoners na lange tijd weer toe.

De wijk Bijlmermeer werd op 4 oktober 1992 getroffen door een ramp toen een Israëlisch vrachtvliegtuig na het opstijgen op Schiphol twee motoren verloor en zich in een flatgebouw boorde. Hierbij vielen 43 doden. Dezelfde wijk, die voor een groot deel bestond uit honingraatflats, wordt sinds de jaren negentig op grote schaal vernieuwd om de woonomgeving te verbeteren. Een andere vernieuwingsoperatie is de omvorming van het Oostelijk Havengebied van vervallen havengebied tot een moderne woonwijk. Tegelijkertijd breidde de stad zich weer naar buiten uit, met bijvoorbeeld de bouw van de nieuwe wijken De Aker en Nieuw Sloten in het zuidwesten van de stad en, recenter, de ontwikkeling van de wijk IJburg op een zestal kunstmatige eilanden in het IJmeer. Met de start van de bouw van het zakendistrict Zuidas heeft de stad ook een begin gemaakt aan een belangrijke economische stadsuitbreiding.

Economie en werk

Bedrijvigheid
Het algemene beeld dat van Amsterdam geldt is dat van een handelsstad. Al in de Gouden Eeuw ging dat niet zonder industrie (scheepsbouw, bierbrouwerij, touwslagerij, houtzagerij), zakelijke diensten (beurs, verzekeringen, bankwezen), communicatie (uitgeverijen, drukkerijen), wetenschap (Atheneum Illustre, kennisinstituten) en gelegenheidsdiensten (kroegen, theaters en restaurants).

Het is vooral die economische diversiteit die al eeuwenlang de economische kracht van Amsterdam vormt. De ontvankelijkheid voor nieuwigheden (economisch en cultureel klimaat) heeft er voor gezorgd dat Amsterdam de boot van de nieuwe technologie niet heeft gemist en inmiddels een van de wereldhoofdsteden van de ICT-economie is (een op de zeven arbeidsplaatsen zit nu in die sector). Heel passend in de Amsterdamse context gaat dat overigens meer over 'toepassing' dan over 'techniek'.

De hedendaagse creatieve klasse speelt een belangrijke rol in de voortdurende vernieuwing van de Amsterdamse economie. Zij zou dat echter niet kunnen zonder steun van gelegenheidsdiensten en omringende traditionele dienstverlening.

Amsterdam gold in 2008 als de op vijf na belangrijkste zakenstad van Europa, na Londen, Parijs, Frankfurt, Brussel en Barcelona. Op de ranglijst van de duurste steden ter wereld stond Amsterdam in 2008 op de 25e plaats volgens de jaarlijkse Cost of Living Survey uitgevoerd door Mercer Human Resource Consulting, dezelfde plaats als in 2007.

De economische activiteiten in Amsterdam concentreren zich in het stadscentrum, waar ruim 80.000 mensen een baan hebben. Vooral veel advocatenkantoren en banken hebben een vestiging in de grachtengordel of in Amsterdam-Zuid. De laatste jaren worden gekenmerkt door een verschuiving van bedrijven naar perifere locaties als de omgeving van station Sloterdijk, de omgeving van de Amsterdam ArenA, nabij het Amstelstation en de Zuidas. Deze gebieden worden gekenmerkt door hoogbouw. De Zuidas moet uitgroeien tot het tweede centrum van de stad en het nieuwe zakelijk gezicht van Nederland.

Kleinhandel
Veel mensen komen naar Amsterdam om te winkelen, vooral in Amsterdam-Centrum met de bekende Kalverstraat, Nieuwendijk, Leidsestraat, Utrechtsestraat, Magna Plaza en de Negen Straatjes. Verder zijn er verspreid over de stad diverse winkelcentra.

Winkelen in de Kalverstraat is een populair uitje voor mensen van buiten Amsterdam. Vooral op de wekelijkse koopzondag in de binnenstad is de toestroom erg groot. Wekelijks passeren meer dan 900.000 mensen de Kalverstraat. Hierdoor is het de drukste straat van Nederland. De straat wordt gekenmerkt door de populaire winkelketens. De hoge huurprijzen zorgen ervoor dat de stad in 2007 op een (met de Karl Johan Gate in Oslo gedeelde) 21e plaats van duurste winkelstraten ter wereld stond.

In Oud-Zuid bevindt zich de P.C. Hooftstraat, bekend als een van de duurste winkelstraten van Nederland. Er zijn tientallen wereldmerken te vinden in de dure boutiques als Louis Vuitton, Cartier, Chanel en Gucci. De laatste jaren is er een aantal grote namen bijgekomen. Er bestaat nog steeds interesse vanuit andere buitenlandse luxemerken om naar Amsterdam te komen, maar velen van hen willen per se in deze betrekkelijk korte straat waardoor een 'wachtlijst' is ontstaan, en Amsterdam het nog even zonder moet stellen. Wel valt waar te nemen dat de ontwikkeling van de omgeving van de P.C. Hooftstraat in de lift zit.

Er zijn 33 weekmarkten in Amsterdam. Bovendien zijn er enkele dagmarkten, zoals de Albert Cuypmarkt, de Dappermarkt, de Waterloopleinmarkt, de Noordermarkt en de Bloemenmarkt aan het Singel. Op Koninginnedag vindt de bekende vrijmarkt plaats.

Toerisme
Het toerisme in Amsterdam is belangrijk voor de stad; elk jaar wordt het door zo'n 4,5 miljoen mensen van over de hele wereld bezocht. Hiermee is het de op vier na vaakst bezochte stad van Europa. Ook komen er jaarlijks een kleine 16 miljoen dagjesmensen naar Amsterdam. De stad is weer terug van weggeweest waar het gaat om de populariteit onder Nederlandse jongeren. Onder hen zijn vooral de vele winkels, de horeca en de culturele instellingen en evenementen een reden voor een bezoek.

Enkele van de belangrijkste toeristische trekpleisters van Nederland zijn in Amsterdam te vinden. Zo stond in 2007 een tocht per rondvaartboot door de Amsterdamse grachtengordel met 3,2 miljoen bezoekers als tweede op de lijst van de vaakst bezochte attracties van Nederland. De Efteling stond op de eerste plaats, met slechts 35.000 bezoekers meer. Het Van Gogh Museum is met 1,55 miljoen vierde op deze lijst en tevens het museum met de meeste bezoekers. Ook het Anne Frank Huis (tiende plaats) en het Rijksmuseum (elfde plaats) behoren tot de drukstbezochte attracties. Onder de toeristen zijn voorts de vele andere musea, de coffeeshops, de restaurants en de raamprostitutie op de Wallen ('Red Light District') populair.

De gemeente streeft ernaar een grotere groep cultuurtoeristen en liefhebbers van (moderne) architectuur aan te trekken. De 'Wallen-gerelateerde' attracties dienen hiertoe zo veel mogelijk geconcentreerd te worden. Zo werd een populair stripcafé aan het Damrak onder druk van de gemeente gesloten en zijn bijna alle grotere seksshops buiten het Wallengebied verplaatst.

De grote toevloed van toeristen en dagjesmensen hebben de binnenstad van Amsterdam tot 'openluchtpretpark' gemaakt. Dit wordt door bestuurders niet als het best wenselijk beschouwd en heeft meermalen tot actieplannen geleid. Zo zouden toeristen naar andere locaties in de stad moeten worden gelokt, zoals De Pijp (bijgenaamd het "Quartier Latin van Amsterdam"), het Centrumgebied Zuidoost en op de lange termijn naar de Zuidas. Tegenwoordig doet Amsterdam het goed als cruisebestemming. Deze nieuwe sector is snel groeiend. Het toerisme naar de hoofdstad in zijn geheel groeit in economisch gunstige tijden gestaag met enkele procenten per jaar. Vooral van de Chinese en Indiase markt valt nog veel groei te verwachten. De huidige toeristenstroom naar Amsterdam bestaat vooral uit Britten, Chinezen, Duitsers, Amerikanen en Japanners. De laatste jaren neemt het aandeel Zuid-Europese toeristen toe.

De hotelmarkt in Amsterdam groeit gestaag. In 2004 waren er ruim 18.000 hotelkamers met 45.000 bedden beschikbaar. In de regio zijn meer dan 21.000 hotelkamers. De komende tien jaar is een behoefte aan 13.000 hotelkamers meer in de regio. De laatste jaren wordt met de bouw van vooral grote en megahotels gewerkt aan het wegwerken van het kamertekort in de hoofdstad.

Cultuur

Musea
Er zijn vele musea in Amsterdam. De grootste musea liggen aan het Museumplein, dit zijn het Van Gogh Museum, het Rijksmuseum en het Stedelijk Museum. Daarnaast zijn er bijvoorbeeld het Tropenmuseum, het Amsterdam Museum, het Joods Historisch Museum en het paleis op de Dam. Andere kleine, beroemde musea zijn het Anne Frank Huis en het Rembrandthuis.

Film, theater en muziek
n Amsterdam zijn diverse schouwburgen en theaters voor toneel, waaronder het Koninklijk Theater Carré, het DeLaMar, de Stadsschouwburg en het Compagnietheater. Het Nieuwe de la Mar Theater is in 2005 gesloopt, waarna er een nieuw theater onder de naam DeLaMar gebouwd werd en in 2012 geopend. Drie bekende cabarettheaters in de stad zijn De Kleine Komedie, Boom Chicago en Toomler.

De stad kent ook twee grote concertzalen, namelijk het moderne Muziekgebouw aan 't IJ en het klassieke Concertgebouw aan de Van Baerlestraat. Onder andere het wereldberoemde Koninklijk Concertgebouworkest speelt in het Concertgebouw. In de Stopera huist ook het Muziektheater, de thuisbasis van De Nederlandse Opera en Het Nationale Ballet.

Grote (pop-)optredens worden veelal in de Heineken Music Hall, de Amsterdam ArenA en Ziggo Dome gehouden. Daarnaast zijn vlakbij het Leidseplein ook de bekende poptempels Paradiso en Melkweg gevestigd, alsmede De Balie en het City Theater. Dat laatste was van 2007 tot 2012 gesloten vanwege een grootscheepse renovatie.

Aan het begin van de 21e eeuw verrees op het terrein van de oude Westergasfabriek een nieuw cultuurpark, waar tegenwoordig vele exposities en optredens plaatsvinden.

In Amsterdam zijn er meerdere filmtheaters en bioscopen, waaronder het Theater Tuschinski, Rialto, Filmtheater de Uitkijk, The Movies en EYE Film Instituut Nederland.

Evenementen
Amsterdam organiseerde in 2007 meer dan 140 evenementen. Enkele bekende lokale evenementen zijn het Holland Festival voor de kunsten in juni, de Gay Pride, een homo-evenement in augustus waar de bekende grachtenparade onderdeel van is, en later in augustus het Prinsengrachtconcert en de driedaagse Uitmarkt. In augustus vindt iedere vijf jaar Sail Amsterdam plaats. Over het IJ Festival is een jaarlijks terugkomend evenement, startend op de eerste donderdag in juli. In november vindt de intocht van Sinterklaas plaats.

Koningsdag wordt in Amsterdam uitbundig gevierd, met een kermis op de Dam en een grote vrijmarkt. Tijdens de Nationale Dodenherdenking op 4 mei worden in Amsterdam kransen gelegd bij het Nationaal Monument op de Dam.

Sport
Amsterdam telt een aantal grote sportclubs. Het bekendst is de voetbalclub AFC Ajax, die onder meer 32 landstitels en vier Europa Cups 1 op haar naam heeft staan. De thuishaven van de Eredivisieclub is de Amsterdam ArenA, dat in 1996 het stadion De Meer verving en met een capaciteit van ruim 50.000 het grootste stadion van Nederland is. Onder meer het ijshockeyteam Amstel Tijgers, het honkbalteam Amsterdam Pirates en de hockeyteams Amsterdamsche H&BC en Pinoké komen eveneens uit op het hoogste niveau binnen hun sporttak, evenals de americanfootballteams Amsterdam Crusaders en Amsterdam Panthers. Americanfootballteam Amsterdam Admirals deed vanaf de oprichting in 1995 mee aan de NFL Europe, maar hield bij de opheffing van die competitie in 2007 op te bestaan.

Amsterdam was de gastheer van de Olympische Zomerspelen 1928, de enige editie van de Olympische Spelen die ooit in Nederland plaatsvond. Het voor deze Spelen gerealiseerde Olympisch Stadion werd in 2000 gerestaureerd en doet tegenwoordig onder meer dienst als start en finish van de marathon van Amsterdam, die jaarlijks wordt georganiseerd. Andere terugkerende sportevenementen zijn de Dam tot Damloop, de roeiwedstrijd Head of the river Amstel en de Zesdaagse van Amsterdam voor baanwielrenners. De stad fungeerde in 1954 als startplaats van de Ronde van Frankrijk en in 2010 als startplaats van de Ronde van Italië.

Media
Het Parool, opgericht tijdens de Tweede Wereldoorlog als verzetskrant, is een landelijk verschijnend dagblad, maar met de nadruk op Amsterdam; de oplage ligt boven de 85.000. Verder is De Groene Amsterdammer een veel gelezen Amsterdams weekblad. Het Algemeen Handelsblad, waar later het NRC Handelsblad (te Rotterdam) uit voortkwam, werd opgericht in Amsterdam (en is in december 2012 daar teruggekeerd) en ook nu nog hebben veel kranten de hoofdredactie in de stad: De Telegraaf, de Volkskrant, Trouw, NRC Media en Het Financieele Dagblad zijn alle gevestigd in Amsterdam, evenals de gratis kranten Metro en Sp!ts. Ook uitgeverij Elsevier, onder meer verantwoordelijk voor het gelijknamige opinieweekblad, zetelt in Amsterdam.

AT5 (Amstel Televisie 5) is de lokale televisiezender. De zender bestaat sinds 1992 en heeft een aantal later landelijk bekende televisiepersoonlijkheden voortgebracht, onder wie Sacha de Boer, Matthijs van Nieuwkerk en Fons van Westerloo. Ook RTV Noord-Holland, SBS, Endemol, MTV, IDTV en diverse kleinere productiemaatschappijen hebben in Amsterdam hun (hoofd)vestiging.

In de Desmet Studio's en Studio Plantage (tot 2012), beide in de Plantagebuurt, worden/werden verscheidene landelijk uitgezonden televisie- en radioprogramma's opgenomen. Daarnaast zijn er televisieopnamen op het terrein van Westergasfabriek.

De Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX) is het grootste internetknooppunt van Nederland en een van de grootste ter wereld.

Onderwijs

Amsterdam telt twee universiteiten: de Universiteit van Amsterdam (UvA) met ongeveer 28.000 studenten en de Vrije Universiteit, vaak kortweg "VU" genoemd, met ongeveer 19.000 studenten. De faculteiten van de Uva zijn verspreid over de binnenstad van Amsterdam gevestigd, terwijl het complex van de VU aan de De Boelelaan in Buitenveldert huist.

Verder is er een groot aantal instellingen voor hoger beroepsonderwijs (hbo), waaronder de Gerrit Rietveld Academie, de Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Inholland en de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. De Hortus Botanicus van de stad is een van de oudste ter wereld.

Van oudsher telt de stad drie categoriale gymnasia: het Barlaeus Gymnasium in het Centrum, het Vossius Gymnasium en het St. Ignatiusgymnasium in Oud-Zuid. Daarnaast zijn er in 2005 twee categoriale gymnasia gestart: Het 4e Gymnasium (Westerpark) en het Cygnus Gymnasium (Oost-Watergraafsmeer). Deze moesten het tekort aan plaatsen op de bestaande gymnasia oplossen.

In 1999 was 48% van de Amsterdamse scholen openbaar. Rooms-katholieke en protestantse scholen hadden allebei een aandeel van 16% in het onderwijsaanbod; verder waren er in dat jaren scholen voor oecumenisch (6%), islamitisch (4%) en overig religieus onderwijs (2%). 8% van de scholen gaf in 1999 algemeen bijzonder onderwijs. Daarnaast zijn er ook particuliere scholen in Amsterdam zoals het Luzac College en het Winford College. Het laatste biedt ook basisonderwijs aan.

Verkeer en vervoer

Amsterdam ligt in de Randstad en is bereikbaar via diverse autosnelwegen zoals de:

  • A1 Amsterdam - Hilversum - Amersfoort - Apeldoorn - Deventer - Hengelo - Duitsland
  • A2 Amsterdam - Utrecht - 's-Hertogenbosch - Eindhoven - Weert - Geleen - Maastricht - grens met België bij Wezet (Visé)
  • A4 Amsterdam - Schiphol - Leiden - Den Haag - Delft, vanaf Den Haag via A13 ook verbinding met Rotterdam
  • A8 Amsterdam - Zaanstad, vanaf Zaanstad via A7 ook verbinding met Purmerend - Hoorn - Middenmeer - Afsluitdijk - Sneek - Joure - Heerenveen - Drachten - Groningen - Bad Nieuweschans - Duitsland
  • A9 aansluiting A1 (Gaasperdammerweg) - Amstelveen - Haarlem - Beverwijk - Alkmaar
  • A10 Ringweg Amsterdam: Amsterdam-Zuid - Amsterdam Bijlmer - Amsterdam-Centrum - Amsterdam-Noord - Amsterdam Westpoort - Amsterdam Sloterdijk - Riekerpolder - Amsterdam-Zuid

De A3 was een geplande weg vanaf de Ringweg Zuid naar Rotterdam. Deze is echter nooit aangelegd. Het hiervoor aangelegde dijklichaam in Buitenveldert is in de jaren tachtig afgegraven en de vrijgekomen ruimte is gebruikt voor woningbouw.

Mede door het groeikernenbeleid en de sterke concentratie van economische activiteiten in de netwerkstad Amsterdam, zijn de snelwegen het dagelijks toneel van files. In de komende jaren zal er worden gewerkt aan een capaciteitsuitbreiding. Zo wordt de Westrandweg aangelegd, komt er een tweede Coentunnel, worden de A10-Zuid en Gaasperdammerweg verbreed en zal de verbinding naar Almere worden uitgebreid.

Spoorwegen
Amsterdam heeft tien NS-stations. De stations Amsterdam Centraal, Sloterdijk, Zuid, Amstel en Bijlmer ArenA hebben een Intercity-status. De andere stations in de stad zijn Holendrecht, Lelylaan, Muiderpoort, RAI, ArenA (alleen bij evenementen) en Science Park. Naast deze tien stations worden ook de stations Duivendrecht, Diemen en Diemen Zuid door reizigers van en naar Amsterdam gebruikt, maar deze stations liggen niet in de gemeente Amsterdam.

Vanaf het Centraal Station en de negen andere Amsterdamse spoorwegstations zijn er treindiensten naar vele bestemmingen in Nederland, ook zijn er internationale treindiensten naar België, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk, Polen, Rusland, Tsjechië, Wit-Rusland en Zwitserland. Het Centraal Station is het stoppunt voor de internationale hogesnelheidstreinen ICE en Thalys.

Het Centraal Station verwerkte in 2009 dagelijks 186.607 in- en uitstappers. Het is daarmee het op een na drukste station van Nederland.

Luchtvaart
Ten zuidwesten van Amsterdam, in de gemeente Haarlemmermeer, ligt de internationale Luchthaven Schiphol. Deze luchthaven is erg belangrijk voor de werkgelegenheid onder de Amsterdammers. Er werken 57.000 mensen. Ook zijn er door Schiphol rond de 50.000 indirecte arbeidsplaatsen. De stad heeft aan de luchthaven een deel van haar economische positie op Europees niveau te danken. Bedrijven met een vestiging in de hoofdstad noemen de luchthaven dikwijls als een van de grote kwaliteiten van de stad, en een motief om zich aldaar te vestigen.

De luchthaven verwerkte in 2012 meer dan 51 miljoen passagiers en is daarmee de vijfde luchthaven van Europa. Wat vrachtvervoer betreft is Schiphol de derde in grootte binnen Europa. De luchthaven is tevens erg groot in het aantal verbindingen (meer dan 200) dat het verzorgt. De hoofdgebruiker van de luchthaven is het bedrijf Air France-KLM veelal met toestellen van de KLM.

Scheepvaart
De haven van Amsterdam is na die van Rotterdam de belangrijkste van Nederland. Het is de vijfde haven binnen Europa, al verschilt het in omvang niet veel ten opzichte van een handvol andere middelgrote Europese havens. Met de Amsterdamse haven worden meestal de havens langs het Noordzeekanaal bedoeld: de havens van Amsterdam, Beverwijk, Velsen/IJmuiden en Zaanstad. Naast het goederenvervoer is er ook passagiersvervoer met cruiseschepen die hun aanlegplaats hebben bij de Passenger Terminal Amsterdam aan het IJ. Het beheer van de haven is in handen van Haven Amsterdam.

Fiets
Amsterdam staat erom bekend dat er goede faciliteiten zijn voor fietsers. Er zijn ruim 881.000 fietsen in de stad (januari 2012); bijna 40% van alle verplaatsingen met een vervoermiddel binnen Amsterdam vindt plaats per fiets.

Stads- en streekvervoer
Alle delen van de stad Amsterdam zijn te bereiken met het openbaar vervoer. Zo'n 30% van alle verplaatsingen met een vervoermiddel binnen Amsterdam vindt plaats met het openbaar vervoer.

De Amsterdamse tram wordt sinds 1900 geëxploiteerd door de Gemeentetram Amsterdam, in 1943 met de Gemeenteveren Amsterdam gefuseerd tot Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam (GVB). Sinds 1925 worden ook buslijnen geëxploiteerd en sinds 1977 ook de metro.

De verschillende stadsdelen van Amsterdam, en de buitenwijken zijn te bereiken per metro. Er zijn vier metrolijnen in Amsterdam: de Ringlijn (50), de Amstelveenlijn (51), de Gaasperplaslijn (53) en de Geinlijn (54). Omdat drie van de vier lijnen naar het Centraal Station door één tunnel gaan, is de frequentie op het noordelijk deel van de Oostlijn (de verzamelnaam voor de Gaasperplas- en Geinlijn) erg hoog, en bestaat er buiten de spits een overcapaciteit. In 2002 is men begonnen met de aanleg van een nieuwe metrolijn, de Noord/Zuidlijn. Dit is de tweede keer dat er een ondergronds traject in de hoofdstad wordt aangelegd. De ontwikkelingen in ondergrondse metrobouw hebben decennia lang stilgelegen naar aanleiding van het hevig volksverzet bij de bouw van de huidige Oostlijn. De Noord/Zuidlijn zal na voltooiing in 2017 naar verwachting 200.000 mensen per dag vervoeren en is daarmee dan met afstand de drukste lijn van de stad. Het tracé loopt van Buikslotermeer via Centraal Station naar Station Zuid.

In de binnenstad en het buitengebied rijden trams, op 15 tramlijnen. Vooral in de buitenwijken rijden er ook verschillende busdiensten. Over het IJ varen diverse veerdiensten voor fietsers en voetgangers, waarvan de meeste gratis zijn. Verder rijden er ook honderden taxi's en sinds 2006 enige tientallen fietstaxi's. Nieuw in 2007 is de tuktuk. Amsterdam heeft het het grootste aantal taxi's van Nederland. De grootste taxicentrale van de stad is de Taxi Centrale Amsterdam (TCA).

BurgemeesterDhr. E.E. van der Laan
AdresAmstel 1, 1011PN AMSTERDAM
Postbus202, 1000AE AMSTERDAM
Telefoon020-6241111
E-mail
Websitewww.amsterdam.nl
Inwoners812082
Oppervlakte219.33 km2

Bedrijf zoeken


Amsterdam video's
Amsterdam foto's
Amsterdam nieuws
Amsterdam linken